Stil zit ik tegenover je te wachten op een teken.
Stil hoop ik op een blik van jou.
Hoopvol probeer ik je aandacht te trekken.
Fantaserend stel ik je voor als mijn lief.
Omsloten door mijn affectie zit je daar te stralen.
Te groeien in mijn hart, mijn lief, mijn onbekende lief.
Je spreekt niet, niet met je ogen niet met je hart.
Bij de volgende bocht neem ik mij voor je aan te spreken.
Om mijn bewondering te tonen, voor jou mijn onbekende lief.
De naderende bocht doet mij beseffen dat mijn liefde niet de jouwe zou kunnen zijn.
Bevangen door twijfel kijk ik naar buiten.
Jouw hand reikt mijn richting, om het teken te geven.
Met teleurstelling zie ik je het knopje boven mij indrukken om de naderende halte als je bestemming te bestempelen.
Bij het opstaan gun je mij eindelijk je laatste blik en ik, ik geef geen kik.
11 februari 2012
10 februari 2012
Sterren Slikker
Genoeglijk slik ik de zojuist opgezogen sterren uit de hemel door
Ze branden in mijn keel zoals een verloren liefde in je hart brandt
Nog even doorzetten, nog een keer flink slikken dan is het voorbij
De maan laat zich niet zomaar verorberen als een gevallen appel
Ik de boom die weer een storm trotseer wortels herziet
De grond verkent op zoek naar nieuw voedsel
Daar sta ik dan met doorgeslikte sterren, brandend in mijn strot
De adem die stokt juist op het moment dat ik mij erin verslik
De uitgespuugde maan laat een spoor licht na op haar weg terug
Ik laat haar gaan zoals mijn verloren liefdes die alsmaar aan mijn ziel vreten
Later als zij weer straalt, zal ik wederkerig naar haar huilen
Nu veeg ik gelaten tranen van mijn lippen het zout uit mijn wond
Huilen naar de maan
Daar in het zwart van de hemel zweeft zij
Het volle licht prikt mijn ogen laat tranen vloeien
Opgevangen in mijn hand bekijk ik de dragers van het altijd aandringende verdriet
Als de dagen moeilijk zijn de nachten kort en roerig
Als het denken als een branding op je geheugenstrand bonkt
Het hoofd maar net boven water blijft en het zout mijn wonden tart
Mag ik huilen naar de maan, zij is onbereikbaar zal me niet afrekenen op mijn verdriet
De moeite die de dag als een zware last laat voelen de voeten in het natte zand als een wortel geschoten boom die nimmer wijken zal
Verworden tot boom met stevige stam met een zijde in de luwte en de andere in de storm
Trotseer ik alle stormen in mijn geest.
Mag ik huilen naar de maan als een wolf met wuivende pels deinend in de wind
naarstig op zoek naar zijn pack
8 februari 2012
Dichten
Hier vallen de woorden mij te binnen.
Wat mij bezielt wat mij drijft.
Uit mijn hart gedreven.
Uit mijn tenen gehaald.
Ballen de woorden samen tot zinnen.
Hier staan ze geschreven.
De taal van mijn bezinning.
Zonder reden in rijm.
Nog niet uitgesproken.
Niet in spreektaal bedreven.
Brachten ze mij in zwijm.
Wat mij bezielt wat mij drijft.
Uit mijn hart gedreven.
Uit mijn tenen gehaald.
Ballen de woorden samen tot zinnen.
Hier staan ze geschreven.
De taal van mijn bezinning.
Zonder reden in rijm.
Nog niet uitgesproken.
Niet in spreektaal bedreven.
Brachten ze mij in zwijm.
Abonneren op:
Reacties (Atom)